LvL kijkt naar de pensioendiscussie vanuit burgerbelang

zaterdag 16 september 2017
Thema's:  Blog

We krijgen regelmatig de vraag vanuit welk perspectief Loon voor Later bericht over de pensioendiscussie. Daarom is het goed de uitgangspunten van deze website nog eens te benoemen:
Loon voor Later volgt de pensioendiscussie, maar niet vanuit een politiek of een commerciëel belang. We kijken er naar vanuit het belang van burgers. Dus mensen die nu pensioenpremie betalen (of niet) en bepaalde verwachtingen hebben m.b.t. hun toekomstige pensioen en mensen die al een pensioen genieten.
We bekijken of politieke besluiten in het voordeel- of het nadeel zijn van huidige en toekomstige gepensioneerden.
Dit valt ons daarbij op:

  • De pensioendiscussie wordt niet gevoerd vanuit burgerperspectief. Burgers lijken de sluitpost: ze hebben de resultaten van politieke besluitvorming maar te accepteren, los van verwachtingen die in het verleden zijn gewekt.
  • Het leidt er toe, dat mensen met een pensioen al jarenlang achterblijven in koopkracht omdat er zogenaamd geen geld is om de pensioenen te indexeren.
  • Overheid en politiek schetsen bij voortduring een negatief beeld van het Nederlandse pensioenstelsel: het zou niet toekomstbestendig zijn, maar dat beeld klopt niet.
  • Dat negatieve frame wordt in hoge mate bepaald door het beleid van de Nederlandse overheid zelf. Voor het pensioenstelsel zijn regels bedacht die NIET de stabiliteit brachten die door de overheid werd beloofd en een onnodig negatief beeld schetsen van de soliditeit van pensioenfondsen. De overheid is dus bezig met het bestrijden van problemen, die de overheid zelf heeft veroorzaakt.
  • Volgens die overheidsregels “doen” de Nederlandse pensioenfondsen het niet zo best en laat de dekkingsgraad te wensen over. Maar kijk je naar de werkelijke rendementen van pensioenfondsen over een langere periode, dan doen de meeste pensioenfondsen het wondergoed. Er is volop geld om huidige en toekomstige verplichtingen na te komen.
  • Er zijn voor verschillende pensioenfondsen berekeningen gemaakt rond de vraag wat er zou gebeuren als dat pensioenfonds vandaag zou sluiten. Dan zouden die pensioenfondsen alle huidige en toekomstige verplichtingen kunnen nakomen en aan het eind van de rit nog miljarden euro’s aan reserve overhouden.
  • Er zijn geen redenen te veronderstellen dat het de komende jaren anders zou gaan. Sterker: zouden de pensioenfondsen meer vrijheid van handelen hebben, dan zouden ze het hoogstwaarschijnlijk beter doen dan nu.
  • Dat de Nederlandse pensioenfondsen het niet zo slecht doen blijkt uit het feit dat in de top 10 van grootste pensioenfondsen ter wereld 2 Nederlandse pensioenfondsen voorkomen: het ABP en het pensioenfonds voor de zorg, PFZW. Het vermogen van deze pensioenfondsen steeg in 2016 naar wereldmaatstaven meer dan gemiddeld met ruim 7%
  • Kritische volgers van de pensioendiscussie valt op, dat veel media tegenvallers in de vermogensontwikkeling van pensioenfondsen WEL en meevallers vaak NIET melden, waardoor er een scheef beeld ontstaat.
  • Bij het behartigen van de pensioenbelangen staat in onze visie niet de positie van de burger centraal, maar spelen de overheidsfinanciën, werkgeversbelangen en verzekeraarsbelangen een grote rol. 
  • Dat zou misschien te verdedigen zijn als je de pensioenreserve zou beschouwen als “gemeenschappelijk” bezit. Maar dat is een onjuiste visie. De ruim 1200 miljard euro in de pensioenpotten is het eigendom van de mensen die dat geld opbrachten. De overheid zou er van af moeten blijven en de eigenaren van dat geld (wij dus) zouden er meer zeggenschap over moeten hebben
  • De overheid bedenkt niet alleen de pensioenregels, maar heeft er ook een groot belang bij. Als de pensioenkosten worden gedrukt is dat gunstig voor de overheidsfinanciën. Het ABP, het pensioenfonds voor de ambtenaren, is immers het grootste pensioenfonds en voor de overheid een kostenpost.  Het is ons niet duidelijk of de overheid bij pensioenbeslissingen de belangen laat prevaleren van de gemiddelde burger of vooral naar de eigen positie kijkt als werkgever. Steeds vaker denken we dat het vooral om dit laatste belang gaat. In dat geval is er sprake van “belangenverstrengeling”.
  • Werkgevers hebben er belang bij de pensioenkosten te drukken om zo de loonkosten laag te houden. Dat belang delen ze dus met de overheid, die we helaas in veel verschillende functies tegenkomen: belanghebbende (werkgever), belangenbehartiger van burgers, toezichthouder en aanzwengelaar van de economie, vriend van grote ondernemingen.
  • Er is geen argument om op pensioenvoorzieningen te beknotten. Het gaat goed met de economie en daarvan profiteren bedrijven bovenmatig. Hun winsten zijn gestegen, ze bezuinigen op loonkosten, de belastingtarieven voor bedrijven zijn de afgelopen jaren substantieel gedaald. Er is dus voldoende geld om te investeren in toekomstige generaties.
  • Op dit moment profiteren bedrijven naar verhouding (veel) méér van de economische opleving dan burgers.
  • De Nederlandse overheid heeft een systeem bedacht, waarbij de soliditeit van pensioenfondsen wordt berekend aan de hand van de marktrente. Die marktrente wordt in hoge mate beïnvloed door beleid van de Europese Centrale Bank. Die ECB doet aan monetaire financiering: koopt maandelijks heel veel staatsschulden en bedrijfsschulden op. Als geld goedkoop beschikbaar is (wat het geval is door het beleid van de ECB) dan daalt de rente. Die staat bijna op 0%. Pensioenfondsen moeten hun dekkingsgraad berekenen met die hele lage rente en dan kom je dus uit op een zwakke positie. Maar dat is een rekenmodel: het heeft weinig met de werkelijke positie van pensioenfondsen te maken. Zelfs De Nederlandsche Bank beoordeelt dit ECB-beleid negatief en toch houdt de Nederlandse overheid die koppeling in stand.
  • Het kabinet zou dit probleem simpel kunnen oplossen door voor de komende jaren een vast rentetarief te hanteren voor het berekenen van de degelijkheid van pensioenfondsen. Rente een half procentje omhoog betekent een aanzienlijke (theoretische) verbetering van de pensioenfondsen, zonder grote negatieve gevolgen voor wie dan ook.
  • Verandert de overheid de pensioenregels niet, dan zullen de pensioenen de komende jaren mogelijk verlaagd moeten worden, terwijl de pensioenreserve de afgelopen jaren alleen maar is gestegen, zelfs in de crisisperiode.
  • We denken dat het handhaven van die koppeling het kabinet goed uitkomt, omdat het een (gekunsteld) negatief beeld van de pensioenfondsen oplevert, waaraan de politiek het argument ontleent om het pensioenstelsel te hervormen.
  • Hoe die hervorming voor huidige en toekomstige deelnemers zal uitpakken is onbekend. Het gaat om het schuiven van geld, alleen is onduidelijk wie de winnaars en wie de verliezers zullen zijn.
  • Steeds meer deskundigen en ook de vakcentrale FNV, twijfelen openlijk aan de noodzaak van hervormingen. Er zijn simpele ingrepen mogelijk, waardoor het huidige stelsel betaalbaar blijft voor zowel jong als oud.
  • Steeds meer experts van naam zetten vraagtekens bij het beleid dat de overheid voert rond de pensioenen. Maar het is opvallend dat de bestuurders van de grote pensioenfondsen in die discussie volledig afwezig zijn. Ze steunen deze argumenten niet, maar spannen zich evenmin om ze te weerspreken.
  • Dat heeft te maken met de positie van die pensioenbestuurders: ze komen vaak uit het commerciële deel van de pensioenwereld en kijken vanuit zakelijk perspectief naar de pensioendiscussie, niet zozeer dus vanuit het belang van burgers. Vaak komen ze uit een ambtelijke of politieke omgeving, hebben daar hun carrière gemaakt of willen daar nog carrière maken.  De pensioendiscussie wordt dus gedomineerd door een machtig netwerk van zichtbare en onzichtbare belangen. Wie zich tegen het overheidsbeleid keert kan het in de commerciële, politieke en ambtelijke wereld wel vergeten. M.a.w.: veel belangen zijn verstrengeld.
  • Daarnaast heeft De Nederlandsche Bank (u weet wel: toezichthouder namens de overheid) de pensioenbestuurders in een ijzeren greep. Je kunt namelijk alleen pensioenbestuurder zijn als je door DNB getoetst en goedgekeurd bent. Word je “afgetoetst” en krijg je geen brevet van goed gedrag of voldoende deskundigheid dan kun je een carrière in de financiële wereld wel vergeten. Pensioenbestuurders zijn dus monddood gemaakt en hun persoonlijke belangen (en hun topinkomens) zijn kennelijk te groot om daartegen fel van leer te trekken. Het overheidsbeleid bekritiseren, confrontaties aangaan met de visie van De Nederlandsche Bank betekent het eind van je carrière.
  • In de discussie spelen de media een bijzondere rol. Ze zijn gevoelig voor het negatieve frame dat door de politiek met succes rond de pensioenen is neergezet en volgen in hun berichtgeving deze hoofdlijnen. Bovendien verkoopt het frame “oud eet het pensioen op van jong” lekker naar je jongere lezers, terwijl op basis van argumenten gemakkelijk is uit te leggen dat het niet zo is. Kritische geluiden die afwijken van dit mediaframe halen maar mondjesmaat de publiciteit. 


De berichtgeving rond pensioenen is dus in onze visie eenzijdig. We proberen er op Loon voor Later argumenten tegenover te stellen, maar staan daarbij open voor kritische beschouwingen als we ooit iets beweren, waarvan anderen vinden dat we het niet waar kunnen maken.



04-10-2017 15:50

De stuitende diefstal uit de opgebouwde pensioenvermogens blijft, gefiatteerd door Pensioenfondsbbestuurders, gewoon doorgaan. Aangevoerd door werkgevers wordt het begrip sterftewinst letterlijk genomen. Hoe meer mensen overlijden zonder hun aanspraken te kunnen verzilveren hoe meer winst wordt gemaakt. Door niet te hoeven indexeren ( voorgeschreven door de DNB ) hoeft na overlijden ook geen inhaalindexering meer versteekt te worden. Daarnaast overlijden personen met lagere inkomens ( de meerderheid ) en daardoor lagere pensioenen, veel eerder dan personen met hogere inkomens. Voila, weer extra sterftewinst omdat er actuarieel van wordt uitgegaan dat de sterfte tabellen voor iedereen hetzelfde zijn. Dit gecombineerd met een premiedekkingsgraad van veelal onder de 80%, waardoor dus te weinig premie wordt betaald voor de toe te kennen aanspraken ( maar door andere berekeningsfactoren dan bij bepaling van de indexering wordt rechtgepraat ) , wat miljarden te weinig premiebetaling voor de werkgevers betekent, resulteert in prachtige en hogere winsten voor bedrijven ( met uiteraard hogere bonussen ). Eigenlijk vindt het zelfde plaats als bij de geprivatiseerde woningbouw coöperaties. Het gaat niet meer om betaalbare huisvesting en degelijke pensioenen, het gaat om maximale winsten voor aandeelhouders en bestuurders.

28-09-2017 16:01

Maar hoe nu verder. Het is toch te gek voor woorden dat de burger, die het pensioen bij elkaar gebracht heeft, aan de kant staat en niets kan inbrengen. Machteloos kan de burger dit maar aanzien. Hoe kan de burger een vuist maken en opkomen voor zijn eigen belang?

17-09-2017 16:32

Hartstikke mee eens.

 
Reageer op dit item