Pensioenakkoord nadert voltooiing

zondag 30 september 2018
Thema's:  Blog

Een akkoord over de hervorming van het pensioenstelsel nadert. Dat kan afgeleid worden aan de beweging op verschillende fronten. Zo lijkt het kabinet tegemoet te willen komen aan de wens van de vakbeweging om de pensioenleeftijd minder snel te verhogen. Het kabinet houdt nog wel vast aan het opschroeven van de AOW-leeftijd, maar wil die pas ophogen tot 67 in 2025 in plaats van 2021.

Volgens De Volkskrant maakt het kabinet hiermee een gebaar om de onderhandelingen over een pensioenakkoord vlot te trekken, maar is op dit moment niet duidelijk of dat genoeg is. De FNV heeft nog niet gereageerd. De vakbeweging geeft aan dat er nog meer discussiepunten zijn die om een oplossing vragen, bijvoorbeeld rond de vraag hoe snel de pensioenen in de toekomst verhoogd of verlaagd worden bij economische mee- of tegenvallers.

Stand van zaken
Het idee van de persoonlijke pensioenpotjes is in het overleg gesneuveld. Individuele pensioenpotten werken negatief op de opbouw van het vermogen.
Ook de doorsneepremie lijkt te sneuvelen. Dat is het systeem waardoor alle pensioendeelnemers een gelijke pensioenpremie betalen, maar jongeren meer geld inbrengen dan ouderen omdat hun inleg langer rendeert dan die van ouderen.
Als de doorsneepremie wordt afgeschaft moeten ouderen daarvoor wel worden gecompenseerd: ze betaalden immers voor de ouderen toen ze zelf jongen waren en hebben het nadeel dat huidige jongeren minder aan hun pensioenbijdragen als de doorsneepremie verdwijnt. Ze mogen daarvan geen nadeel ondervinden, aldus de vakbeweging.

DNB
Ook De Nederlandsche Bank mengt zich in de discussie: als het pensioenstelsel zodanig wordt hervormd dat de pensioenen bij tegenvallende economische omstandigheden gemakkelijker verlaagd kunnen worden dan volgens de huidige regels het geval is, dan zouden pensioenfondsen wat DNB betreft aan minder strenge regels gebonden hoeven te worden. Daarvan is het voordeel dat de pensioenen bij meevallende ontwikkelingen sneller verhoogd kunnen worden, maar met als nadeel dat ze bij tegenvallers ook weer verlaagd kunnen worden. Pensioendeelnemers moeten deze flexibiliteit dus betalen met een minder harde garantie op hun (toekomstige) uitkering.

De onderhandelingen over een nieuw pensioenstelsel duren al 1,5 jaar langer dan de bedoeling was.

Klik hier voor een overzicht van de stand van zaken in de onderhandelingen, zoals beschreven door De Volkskrant:

Pensioenfonds Bouw: pensioenen kunnen gemakkelijk omhoog
Volgens directeur van As van het pensioenfonds voor de Bouw zit er genoeg geld in zijn pensioenfonds om de uitkeringen -meer dan nu is toegestaan door de overheid- aan te passen aan de prijsstijging. 

Verdubbeling
Het vermogen van dit pensioenfonds is de afgelopen 7 jaar gestegen van 31 naar 58 miljard. Het is bijna een verdubbeling en daarom is het voor de deelnemers niet te begrijpen, dat het pensioenfonds Bouw niet meer mag indexeren. Afgelopen jaren kon het pensioenfonds de uitkeringen met 0,6% verhogen. Wat de directeur betreft had dit meer kunnen zijn als dit binnen de overheidsregels was toegestaan. Hij pleit er dan ook voor om de pensioenregels te versoepelen. Volgens directeur van As zitten de strenge regels de ambities van zijn pensioenfonds dwars en zouden de regels versoepeld moeten worden.



 
Reageer op dit item